RANA TRAININGEN
Weblog Afghanistan
Weblog 1
aankomst Kabul


Al ruim een uur kijk ik uit het vliegtuigraampje naar de adembenemend mooie besneeuwde bergtoppen van Afghanistan. Er lijkt aan die witte bergen geen eind te komen.
Op de lager gelegen delen, stoffig bruin, met hier en daar een bergstroompje of riviertje zijn piepkleine groene akkertjes te zien. Wegen zijn niet te bekennen, wel heel af en toe een bergpad. Ik vraag me af waar de mensen in deze desolate, afgelegen plekken van leven. Er lijkt geen stad of dorp in de buurt te zijn, met de meest noodzakelijke voorzieningen.
Als opeens de bebouwing langzaam aan verschijnt komt Kabul in zicht, bijna verscholen tussen de hoge bergen. Ook de stad ziet stoffig bruin met overal lage ommuuurde huizen van dezelfde bruine kleur. Het vliegtuig maakt een misselijkmakende duikvlucht voor de landingsbaan en gaat daar vervolgens volop in de remmen. We zijn gearriveerd, 26 uur na vertrek uit Alkmaar. En 'we' zijn Janny Beekman de oprichtster van het opvanghuis Nahid, Frans en ik.


Het is heerlijk weer in Kabul. Lentefris, heerlijk zonnig en warm. Rondom de stad zien we weer overal de witte bergen die hoog boven de stad uittornen. De chauffeur Basir van het Nahid huis staat zoals afgesproken op ons te wachten met het busje. Dit busje wordt gebruikt om de kinderen naar school te brengen, boodschappen te halen en ons rond te rijden tijdens ons bezoek. We hebben het dringende advies gekregen om ons altijd per busje te laten vervoeren om berovingen of ontvoeringen te voorkomen. We zijn blij met zijn zorg voor ons.

Als we het vliegveld verlaten rijden we over een brede geasfalteerde weg met weinig verkeer; aan de kant zitten hier en daar vrouwen, gekleed in blauwe burka's te bedelen, naast hen ligt soms een kind in het stof van de weg. De huizen in dit gebied zijn gemaakt van blokken leem, de straat tussen de huizen zijn van aarde. Door de regen van een paar dagen geleden is het een grote modderboel. Als enorm contrast staan hier sinds een jaar ook grote feestzalen waar bruiloften worden gevierd. Protserig gebouwd, met gekleurd glas, veel bling-bling, en grote parkeerplaatsen. Hier trouwen de rijken, met veel eten, muziek en dans. Er zijn gemiddeld duizend bruiloftsgasten, mannen en vrouwen strikt gescheiden, maar de laatste tijd ook steeds meer samen.

Het huis Nahid ligt in Taimani, een rustige wijk. Net als alle huizen in Kabul is ook dit huis ommuurd. Als de ijzeren poort wordt opengedaan en we de binnenplaats oprijden komen de bewoners naar ons toe om kennis te maken. Ze verwachten Janny al en ik zie overal blije gezichten. Ook komen de vrouwen en kinderen uit zichzelf op ons af. We hadden van tevoren instructies gekregen over de Afghaanse etiquette. Een man geeft een vrouw geen hand, en een vrouw geeft een mand geen hand. Wel kan je je hand naar je hart brengen en je hoofd licht buigen als begroeting. Toch krijgt zelfs Frans een hand van de vrouwen.


Al snel wordt de tafel gedekt met 'nan' (Afghaans plat brood), salade van lente-ui, tomaat, rucola, munt en radijs en een enorme schotel met rijst en een pot met zoet-zuur. Thermoskannen met thee, water en frisdank staan ook klaar. We lunchen samen met Shukria de Afghaanse directrice van het huis, en met de Afghaans/Nederlandse Hamida die in Nederland heeft gewoond. Het is tevens een goede moment om afspraken te maken over de training in het huis. In een uurtje zijn alle praktische afspraken gemaakt (wie tolkt, trainingstijden etc.) en is besloten dat we zondagmiddag gaan beginnen. Het is vreemd om Nederlands te kunnen spreken met Afghaanse vrouwen in Kabul. En heel erg gemakkelijk! 

Op de binnenplaats staan wat bomen, er hangen waslijnen; de kinderen kunnen touwtje springen, voetballen en zelfs hangt er een basketbalring. Een wasmachine is er niet; de was wordt op de binnenplaats handmatig gedaan voor ongeveer 35 bewoners. Er staat een waterpomp waarmee handmatig water wordt opgepompt voor de was. Ook staat er een speciale op hout gestookte buitenkachel om het opgepompte water te verwarmen. De vrouwen zijn er druk mee in de weer. 

Aangezien het Nahid een opvanghuis voor weduwen is, is het in de Afghaanse cultuur belangrijk dat er mannelijke bewakers (chaukidors) zijn, zodat dit huis niet als een bordeel wordt gezien. Er is een chaukidor voor de dag, en een voor de nacht. Deze mannen slapen om de beurt op in hun eigen slaapvertrek, apart van de vrouwen en kinderen. Ook Frans slaapt op de 'mannenafdeling' en Janny en ik bij de vrouwen en kinderen.

Basir de chauffeur brengt de kinderen al om 6 uur 's morgens naar school. Er zijn weinig scholen, en de scholen die er zijn hebben weinig lokalen, zodat er in 'shifts''wordt gewerkt. Per 'shift' wordt slechts 2 uur les gegeven en daarna krijgen de kinderen heel veel huiswerk mee dat thuis moet worden gemaakt. De kinderen doen enorm hun best, want als er iets is wat ze willen dan is het vooruit komen in het leven. De oudste kinderen spreken al aardig Engels.

's Middags spelen we met de kinderen op de binnenplaats. Ze vinden dat heel leuk, met die buitenlanders. 's-Avonds wordt t.v. gekeken; er staat een grote kleuren tv op de gang en alle kids zitten op de grond naar een Bollywood soap te kijken. De Indiase soaps zijn razend populair vanwege de zang en dans, het drama, de kleurrijke kostuums en de mooie interieurs van de Indiase huizen. Een groot verschil met de routine van het harde dagelijks Afghaans bestaan. Om 22.00 uur gaan de lichten uit.

Hier komt de mediaspeler te staan.
autorit door chaotisch Kabul naar het Nahid huis in de wijk Taimanie,
een van de betere wijken van de stad


Weblog 2
trainingsdagen


Trainingen voor de weduwen en hun kinderen
Het is een heel goed idee geweest om eerst in het opvanghuis een paar dagen te verblijven voordat we aan de training zouden beginnen. We hadden dit speciaal zo gepland om de vrouwen en kinderen aan ons te laten wennen. Veel Afghaanse vrouwen zijn zeer verlegen als er een man bij is die niet uit hun familie komt. Maar kinderen zijn overal hetzelfde; ze vinden het superleuk als we mee voetballen, badmintonnen, of touwtjespringen.

De meiden in het huis vinden mijn make-up etui onweerstaanbaar en drommen om me heen. Leuk, meidendingen doen! Ze proberen mijn lipstick uit, vinden het heerlijk om een beetje handcrème op hun hand gesmeerd te krijgen en de poederkwast vinden ze poezelig zacht. Er wordt wat afgegiecheld achter hun hand. De meisjes wordt al jong geleerd om mee te draaien in de huishouding. Ze doen de was, vegen het huis aan met een rieten bezempje, helpen met koken, dekken de tafel, doen de afwas en passen op de jongere kinderen. Vaak zijn ze 's-avonds na al hun huishoudelijk werk, om 22.00 uur nog bezig met huiswerk maken. De jongens mogen spelen en t.v. kijken…...

Via de kinderen kom ik (Marja) heel gemakkelijk in contact met de vrouwen. Op vrijdag (de dag dat iedereen vrij is) zitten de vrouwen met wat kinderen overdag gezamenlijk t.v. te kijken. Ze kletsen wat, zijn sjaals aan het borduren met veel fijn handwerk 'gamak' genaamd, en weer een andere vrouw laat een handnaaimachine snorren. Twee vrouwen zitten sinds kort op Engelse les en willen hun Engels met me oefenen. Dat is een mooie manier om met elkaar in contact te komen. Ik vraag ze om mijn naam in het Afghaanse Dari te schrijven, een mooi gekalligrafeerd handschrift. Op een gegeven moment zit ik tussen 18 vrouwen en kinderen en hebben we samen heel veel plezier; alsof we elkaar al jaren kennen.

Op zaterdagavond gaat onze eerste training van start. We beginnen de eerste avond alleen met de moeders en vragen hun toestemming om ook met hun kinderen te mogen werken in de training. Onze gedachte hierachter is dat voor deze vrouwen al heel vaak is beslist en dat ze zelf weinig of geen keus hebben gehad hun eigen beslissingen te nemen. Eerst heeft hun vader over hen beslist, daarna hun man, en later -na het overlijden van hun man-, hun zoons of soms ook broers of ooms. We willen de vrouwen leren dat ze zelf zeggenschap hebben over hun leven en hun kinderen.

We worden met de vertaling geholpen door de Afghaans/Nederlandse Hamida die de vrouwen heel goed kent. Ze is voor ons van onschatbare waarde. In de gezamenlijke huiskamer die nu fungeert als cursuszaal hebben we alle tafels en stoelen verwijderd. De vrouwen zijn er veel meer aan gewend om op hun eigen kamer op kussens op de grond te wonen dus is dat voor hen meer passend. Ze zijn kleurrijk gekleed in mooie lange rokken of jurken, met gekleurde sjaals om hun hoofd en schouders. De oudste deelneemster is klein, ineengedoken en ziet er getekend uit; alsof ze 74 jaar zou kunnen zijn. Tot onze schrik blijkt ze pas 40 te zijn. 

De vrouwen zitten in een halve cirkel om ons heen en we stellen ons wat uitgebreider aan hen voor. En we hebben familiefoto’s meegenomen: van onszelf, onze ouders, grootouders en overgrootouders. Elke keer blijkt weer dat er heel veel herkenning is als mensen naar foto's kijken. Vooral de kleding spreekt aan en de verhalen hoe het vroeger bij ons was. “Wat lijken we toch veel op elkaar, want mensen waar ook ter wereld maken veel dezelfde dingen mee”.

Een belangrijk ding wat we de vrouwen willen leren is meer zelfvertrouwen en zelfrespect. We vragen ze wat ze allemaal in hun leven hebben gedaan en waar ze goed in zijn. Een vrouw antwoordt: “zitten en eten, meer kan ik niet”. We zijn geschokt door haar antwoord. Als we een tijdje met haar doorpraten blijkt ze toch veel meer te kunnen dan dat. Ook de andere vrouwen komen los en gaan opnoemen waar ze goed in zijn. Tot hun grote verbazing doen ze veel meer dan ze dachten. Dat is wel een enorme eye-opener. Hun gezichten beginnen voorzichtig meer te stralen.

En ja, ze vinden het heel goed dat hun kinderen de volgende dag mee doen. Als afsluiting laten we ze hun handen tekenen op een vel papier. “Maak je handen maar heel mooi” zeggen we “want je handen hebben heel veel werk verzet en veel dingen gedaan”. Ze gaan enthousiast aan de slag met stiften en kleurige stickertjes.



Trainingen voor de hoog opgeleide Afghanen
De volgende dag worden we per auto vervoerd naar het gebouw van het Afghaans Vrouwen Netwerk (AWN), waar zeer goed en hoog opgeleide vrouwen aan verbonden zijn. Hier gaan we de andere training geven. Zoals de meeste huizen en gebouwen in Kabul is ook dit gebouw ommuurd. Een bewaker kijkt vanachter een stalen deur met een piepklein kijkgaatje wie er aan de andere kant van de deur staat voordat hij open doet.

Om 09.00 uur gaan we starten met de training. Hoe groot de belangstelling zal zijn is niet echt bekend. Wat wel bekend is dat 25 vrouwen en mannen zich hebben opgegeven, maar goed Afghaans gebruik is dat je je uit beleefdheid opgeeft en vervolgens weg blijft. En natuurlijk is er een verschil tussen Nederlandse starttijd 09.00 uur (op tijd) en Afghaanse starttijd van 09.00 uur wat net zo makkelijk 09.45 uur of nog later kan zijn. Langzaam druppelen de cursisten binnen. Rond een uur of 10.00 uur starten we met 20 deelnemers, een mooi aantal. Onze vaste tolk Hamida is er en ook hier maakt Janny weer filmopnames van de training. Na het gebruikelijke voorstellen en praktische zaken gaan we beginnen met het NLP communicatie model.
Dat gaat er bij onze cursisten in als koek; ze zijn zeer geïnteresseerd want ze hadden er nog nooit van gehoord. Ook vinden ze het heel herkenbaar en nuttig. We doen diverse oefeningen met ze met objectief waarnemen en dat is nieuw en volgens hen heel erg nodig in de Afghaanse maatschappij.
Een deelneemster zegt enthousiast: "dit ga ik ook doen in mijn trainingen". Dit is voor ons fantastisch om te horen, want dit is precies de reden waarom we hier zijn.
Het is heerlijk zonnig weer en daarom doen we de oefeningen ook in de aangrenzende tuin. We krijgen al snel positieve feedback op onze training. Wat vooral als heel prettig wordt ervaren, is dat de leerstof in korte stukjes wordt aangeboden, afgewisseld met oefeningen en dat ze zelf actief mee kunnen doen en het geleerde meteen in praktijk gebracht kan worden. We zien veel blije gezichten.

Als we met het busje weer naar huis rijden, zien we tot onze grote verrassing langs de kant van de weg een gloednieuw gebouw staan. In dit gebouw is een Afghaanse collega van ons gevestigd: RANA Institute of Higher Studies.
We schateren het uit om dit toepasselijke toeval. In Afghanistan betekent Rana trouwens 'licht'.





Weblog 3
NLP, Oplossingsgericht Werken & Systemisch Werk


We krijgen heel veel energie van de enthousiaste reacties van onze deelnemers. En we merken hoe gemakkelijk deze training ons afgaat in deze heel andere cultuur en wat we daardoor voor hen kunnen betekenen. Mijn grote kennis van dit land is daarbij onmisbaar gebleken. Ik merk hoeveel nuances ik ondertussen goed begrijp.

We besteden vandaag tijd aan een NLP onderwerp: taal. “Gebruiken jullie in Afghanistan ook het woordje niet?” Ja, dat doen ze ook. En ook hier lukt het niet om niet aan een roze olifant te denken. Ze vinden dat eigenlijk grappig want dat besef is er nooit eerder geweest. Ik vertel hen dat dat voor ons ooit ook zo was. De uitleg dat dit ook te maken heeft met doelbenaderend dan wel 'weg van het doel' denken komt heel goed binnen. En dat is wel heel goed te gebruiken in een land waar 30 jaar oorlog is geweest en waar doelbenaderend denken en opbouw broodnodig is.

Ook het woord 'maar' wordt door ons uitgelegd en besproken. “Je haar zit leuk, maar……” Het woordje maar zorgt er voor dat je haar opeens toch niet zo leuk meer zit. En dan gebeurt er iets heel bijzonders. Een deelneemster, Karima, die taal doceert aan de universiteit van Kabul vertelt dat ook Rumi over het gebruik van 'maar' heeft geschreven; in een gedicht. Rumi (filosoof, dichter en Soefimeester, 1207-1273) is geboren in de stad Balkh in het noorden van Afghanistan, een stad aan de Zijderoute. Rumi is een van de groten in de Afghaanse cultuur. Hier wordt hij Mawlana Jalaludin Mohammad Balkhi genoemd. Omdat ik weet dat Afghanen dol zijn op gedichten vraag ik haar dit gedicht voor te dragen, wat ze maar al te graag doet.

De dag daarop verrast ze me door dit gedicht in het Engels voor me te hebben uitgetypt. Daaronder heeft ze het gedicht in het prachtige Afghaanse gekalligrafeerde schrift voor me opgeschreven. Ik ben echt geraakt door haar gebaar. Ik vertel haar en de groep dat ik het gedicht zeker zal gaan inlijsten en een mooi plaatsje zal geven in ons huis.

Later tijdens de training merkt een van de mannelijke deelnemers op dat Ali, de schoonzoon van de profeet Mohammed, heeft gezegd dat het beter is één minuut na te denken, dan 100 keer te bidden. Ik ben dol op dit soort deelnemers, want dit is volgens mij wat dit land nodig heeft: mensen die nadenken.
 
Naast NLP onderwerpen hebben we bedacht dat het goed zou zijn om aandacht te besteden aan Oplossingsgericht Werken. Want als er een woord is wat we vaak horen tussen de vele onverstaanbare zinnen door is het: 'muschkil' oftewel probleem. Met wie we ook spreken, muschkil is elke keer een onderwerp van gesprek. En er zijn heel wat muschkils!
Maar wij vinden het nog belangrijker dat er uitdagingen of oplossingen zijn. Oplossingsgericht Werken is helemaal Frans' zijn ding dus gaat hij de uitleg geven en ook een daarna demonstratie over dit onderwerp doen. Een van de deelneemsters wil de uitdaging wel aan om haar ‘muschkil’ samen met Frans voor de groep te bespreken en op te lossen. Zij is in Duitsland opgeleid, heeft daar ook jarenlang gewoond en spreekt goed Duits. Nu werkt ze in Kabul met getraumatiseerde vrouwen en met bedelaars.

Het is voor haar nog een hele klus om medewerking te krijgen van de plaatselijke instanties. De ‘demo’ gaat via Dari (Afghaans) naar Nederlands via onze tolk, maar soms ook direct in het Duits en af en toe in het Engels. Frans blijft supercool onder de Babylonische woordenstroom en weet haar naar de eerste stap van de oplossing te leiden. “Welke actie ga je als eerste ondernemen” vraagt hij. Ze gaat iemand bellen! Op deze manier wordt ze er aan herinnerd dat ze zelf actie kan gaan ondernemen, in plaats van af te wachten en afhankelijk te zijn van derden. De andere cursisten schrijven ondertussen alle stappen van het proces op. Ze zijn verrast, want op deze manier hebben ze nog nooit eerder aan een 'muschkil' gewerkt. Ze hebben nu aan een oplossing gewerkt!

Dan gaan we verder met Systemisch Werk, bij het grote publiek beter bekend als familie- en organisatie opstellingen. Ik begin met de deelnemers te vragen op te staan en op leeftijd te gaan zitten. Dat geeft de nodige hilariteit (er worden in Afghanistan heel veel workshops aangeboden, waarbij er urenlang achter elkaar informatie wordt doorgeven, waarbij deelnemers soms in slaap vallen van verveling). Onze manier van werken vinden ze echt heel leuk, en ze merken duidelijk het verschil tussen onze manier en de met hier gebruikelijke manier om leerstof aan te bieden. Als na een paar minuten iedereen op de juiste plek zit en ze elkaar aankijken, valt er een diepe stilte. “Het voelt goed” zeggen de deelnemers, ook ervaren ze de rust van de ordening.

Als toetje laat ik een van de 'jonkies' met een van de 'oudere garde' van plaats verwisselen. Beiden vinden het maar niets op die plek, ze willen liever weer naar hun 'juiste' plek terug. Ook al had ik deze reactie op deze oefening verwacht, toch vind ik het heel bijzonder om te merken dat ook in Afghanistan de reacties hetzelfde zijn dan in Nederland of waar dan ook. Uiteraard geef ik ook uitleg over de achtergronden van systemisch werk. Ondanks de heel andere cultuur wordt heel instemmend geknikt met de achtergronden; ja dat geldt hier ook.

De training sluiten we af met een evaluatie van de deelnemers. Wat enkelen aangeven, is dat ze voor het eerst iets over zichzelf hebben geleerd. Wij vinden dat een geweldig compliment. Uiteraard nemen we de suggesties van de cursisten mee voor vervolgtrainingen.
Daarna volgt de diploma uitreiking. Ze zijn verbaasd dat hun naam op het diploma staat, want dat is niet gebruikelijk. Wat hier wordt gedaan is het aantal dagen op het diploma zetten. En wat ook heel belangrijk is, is dat er een groepsfoto wordt gemaakt. En daarmee is onze eerste gecombineerde NLP, Systemisch Werk en Oplossingsgericht Werk training, heel succesvol afgesloten.





Weblog 4
Bezoek aan kraamkliniek van Ibn Sina in Kabul


Aangezien de veiligheidssituatie in Afghanistan een stuk beter lijkt dan de berichten in de Nederlandse kranten en tv doen vermoeden, kunnen we een bezoek brengen aan de kraamkliniek van het Ibn Sina Institue for Public Health and Management Sciences. De kliniek en het hoofdkantoor van deze NGO ligt 20 kilometer buiten het centrum van Kabul. Dat betekent dus dat we weer meer kunnen gaan zien van dit bijzondere land. We genieten enorm van de ritjes ‘naar buiten’ en hebben elke keer onze fototoestellen in de auto in aanslag, om maar niets te missen van het buitengebeuren. Ook Janny Beekman gaat met ons mee.

Wij hebben al twee keer eerder de vrouwelijke Afghaanse artsen die werken voor de vroedvrouwen-opleidingen in Afghanistan, bij ons in Alkmaar ontmoet. En nu hebben we de kans om hun kliniek met eigen ogen te zien. We worden opgehaald door de ‘company-car’ met chauffeur. Hij scheurt met flinke vaart door het drukke verkeer van Kabul, laverend langs walmende bussen, ezelkarren, luxe 4-WD’s, fietsers, kuddes schapen met een herder, geel/witte taxi’s, prachtig handbeschilderde houten jingle trucks en mannen met handkarren. In de rugleuningen van de autostoelen zitten tot onze verbazing kleine beeldschermpjes, zoals je die in vliegtuigen ziet. Er draait een schreeuwerig Bollywood filmpje…. Dit land blijft ons keer op keer verbazen.

Janny en ik mogen een kijkje nemen in een kamer waar de bevallingen plaatsvinden. Het is daarbinnen somber en naargeestig. Er ligt bij het raam een opgevouwen deken. Opeens beweegt de deken en komt er een kermend geluid uit. Het blijkt een pasgeboren jongetje te zijn die om zijn moeder schreeuwt, stijf ingepakt in doeken en in die deken. Moeder ligt nog in het kraambed, een paar meter van hem vandaan. Er ligt nog een vrouw die op het punt van bevallen staat. Beide vrouwen zijn alleen, geen familie of vriendin ondersteunt hen. De indrukken die ik hier op doe maken me stil.

In vergelijk met andere delen in dit land hebben de moeders en pasgeborenen geluk. Afghanistan is een van de landen met de hoogste moeder en kind sterfte. In Afghanistan sterven 1.800 op de 100.000 vrouwen in het kraambed, in Nederland is dat 6 op de 100.000. De kindersterfte onder de 5 jaar in Afghanistan is ook schrikbarend. In Nederland overlijden 5 op de duizend jonge kinderen, in Afghanistan 191 op de duizend. Oftewel 1 op de 6 !

Er wordt in deze kliniek goede basiszorg verleend. De pasgeborenen en de moeders worden door de artsen regelmatig gevolgd voor wat betreft gewicht, juiste voeding, vaccinaties. De gangen van de kliniek zien burqua-blauw van de vele moeders en er hangt een zure zweetlucht van de vele lagen kleding die ze dragen. Ook krioelt het er van de prachtige kinderen van alle leeftijden, met grote bruine- en soms ook blauwe- of groene ogen. Er wordt in de kliniek ook voorlichting gegeven. Pil, prikpil, spiraaltje en condooms zijn voorradig en worden ook gebruikt. Echter, de mannen willen veel kinderen; dat wil zeggen: jongens.

Er wordt met Telemedicine gewerkt, dat is het op afstand verlenen van zorg door gebruik te maken van ICT. Elektronische meetresultaten van patiënten worden elektronisch naar Pakistan verzonden, daar bekeken en mét advies weer teruggestuurd naar Kabul.

Daarna is het tijd voor een lunch met het management dat gehuisvest is in een modern en goed geoutilleerd pand, met trainings- en ontvangstruimtes voor bezoekers uit o.a. Pakistan, India, Turkije, Maleisië en Nederland. Ook hier worden we gastvrij rondgeleid en aan het eind van de middag weer door de chauffeur (+ Bollywoodfimpje) teruggebracht naar het Nahid huis.


Hier komt de mediaspeler te staan.
moeders en kinderen in de kraamkliniek van Ibn Sina


Heb je vragen of opmerkingen? info@ranatrainingen.nl